Sometimes it feels like Bob Dylan says: "I practice a faith that's long been abandoned, ain't no altars on this long and lonesome road"

Translate this website

Visitors to this website today: 116Total number of visitors to this website: 671172
Welcome to the website of Kees de Graaf
Kees de Graaf keesdegraaf.com
 

Mag een Christen zich laten besnijden?

Mag een christen zich laten besnijden?

Het antwoord op deze vraag is: Neen een christen mag zich niet laten besnijden. Paulus verbiedt dit n.l. nadrukkelijk in 1 Kor 7:18.
We lezen in 1 Kor 7:18:

“Is iemand als besnedene geroepen, dan moet hij die besnijdenis niet ongedaan laten maken. Is iemand geroepen die onbesneden is, dan moet hij zich niet laten besnijden” (HSV).

In dat kader is het van belang om goed te kijken naar deze tekst in de Griekse grondtaal. In de context van deze tekst staat tot wel 3 keer toe dat je moet blijven in de positie waarin je was toen God je riep (Vers 17,20,24). In vers 17 staat dat je in die positie moet “wandelen”. Dat wandelen staat in de Imperatieve werkwoordsvorm. Het is dus een gebod. In het Grieks staat in de imperatieve vorm: “peripateio”.

In vers 20 staat nogmaals dat je in die positie moet “blijven”; in het Grieks “meneto”. Dat staat ook weer in de gebiedende wijs. Het is dus geen optie of advies. Ik vers 24 staat het nog een keer “Blijven bij”: “meneto” weer in de gebiedende wijs.

Vers 18, waar het ons nu om gaat, staat OOK in de gebiedende wijs. Eerst mag je als besnedene de besnijdenis niet ongedaan laten maken. In het Grieks “epistastho”. Letterlijk “eroverheen trekken”.

Ben je niet besneden – en dat geldt voor ons (heiden) christenen- dan mag je je dus niet laten besnijden. In het Grieks “Me peristhemnisto”. Met nadruk op “NIET”. Laat je NIET besnijden! Ook dit werkwoord is een gebod en staat daarom in de gebiedende wijs!. De keerzijde is dus ook waar: wie zich in zo’n positie WEL laat besnijden, is ongehoorzaam! .Daar lijkt mij geen woord Frans bij.

Je zou het haast niet willen geloven, maar toch zijn er vandaag nog christenen die zich ondanks dit nadrukkelijk verbod laten besnijden. De besnijdenis vormt – althans in hun ogen- een onderdeel van de (ceremoniële) wetgeving van Mozes. En deze christenen onderhouden nog steeds deze wet van Mozes. Dit houdt o.a. in dat ze de kalender volgen van de joodse feesten, inclusief de sabbat op zaterdag, de spijs en reinigingswetten etc.

Paulus schrijft aan de gemeente van Kolosse (Kol.2:11) dat ze weliswaar zijn besneden maar met een “besnijdenis die niet met handen plaatsvindt” maar met “de besnijdenis van Christus”. En met “de besnijdenis van Christus” wordt in het volgende vers 12 aangegeven dat het om de christelijke doop gaat. De doop is dus in de plaats van de besnijdenis gekomen. De Kolossenzen zijn dus gedoopt en niet besneden (zie ook Kol. 2:13).

In het Nieuwe Verbond is het “bloed” dat vrij kwam bij de fysieke besnijdenis vervangen door het (doop) water. En dat is ook logisch als je er goed over nadenkt.
Dat bloed van de fysieke besnijdenis was ook een voorafschaduwing van de bloedstorting die eens zou gaan plaats vinden toen Christus zin bloed voor onze zonden gaf. En Christus heeft dit “eens en voor altijd gedaan, toen Hij Zichzelf offerde” (Hebr. 7:27). Nu hoeft er dus geen bloed meer te vloeien.

De opgestane Heer geeft in Mat. 28:19 de opdracht om alle volken tot Zijn leerlingen te maken, met de opdracht erbij, NIET om de volken te besnijden “in de naam van de Vader en de Zoon en de Heilige Geest” maar om hen te “dopen” in de naam van de Vader eb de Zoon en de Heilige Geest.

Duidelijker dan dit kunnen we het niet maken. Besnijden? Niet doen dus!

 

 Go back
Published on: 02-04-2024 17:29:48